Ps 118: 5 In mijn nood heb ik geroepen: ‘HEER!’
En de HEER antwoordde, hij gaf mij ruimte.
God bevrijdt mensen uit benauwdheid, uit situaties waarin ze in het nauw gedreven worden. Hij geeft hen weer lucht om te ademen. In Psalm 118 zijn het vijanden, die de ik-persoon bedreigen. Zoals in zoveel psalmen vijanden en tegenstanders het leven van de gelovige bedreigen, dreigen 'op te slokken'. In ons leven hebben die vijanden velerlei gestalten. Zorgen kunnen ons naar de keel grijpen, tegenslagen ons een klap van achteren geven. Het kunnen zelfs concreet mensen zijn die ons dingen aandoen. Dat gebeurt dagelijks overal: mensen die andere mensen de pas afsnijden, het licht in de ogen niet gunnen, anderen insluiten, ze verdrukken, hun bestaan ver weg wensen.
Niet maar voor de vrome volledigheid wil ik de vijand vanbinnen noemen. Dat komt ook in de Psalmen tot uitdrukking: mijn zonden benauwen mij, knellen het leven in mij af. Bijvoorbeeld Psalm 32.
Zojuist las ik nog dat door skinheads in Rusland dit jaar al 69 buitenlanders zijn vermoord. En wat te denken van de onlusten in Zimbabwe, die ook invloed hebben op Zuid-Afrika. In laatstgenoemd land zijn de Zimbabwaners bepaald niet welkom. Waarom ontnemen sommige mensen aan anderen de ruimte? Deze neiging zit in een kiem in ons aller hart. Het is denk ik omdat we de leugen zijn gaan geloven dat de ander een bedreiging vormt voor onze vrijheid, dat we daarom de toevlucht nemen tot harde en inhumane maatregelen. Wij ontnemen anderen de ruimte omdat we bang zijn dat ze op een bepaald moment ons de ruimte zullen ontnemen.
En de HEER antwoordde, hij gaf mij ruimte.
God bevrijdt mensen uit benauwdheid, uit situaties waarin ze in het nauw gedreven worden. Hij geeft hen weer lucht om te ademen. In Psalm 118 zijn het vijanden, die de ik-persoon bedreigen. Zoals in zoveel psalmen vijanden en tegenstanders het leven van de gelovige bedreigen, dreigen 'op te slokken'. In ons leven hebben die vijanden velerlei gestalten. Zorgen kunnen ons naar de keel grijpen, tegenslagen ons een klap van achteren geven. Het kunnen zelfs concreet mensen zijn die ons dingen aandoen. Dat gebeurt dagelijks overal: mensen die andere mensen de pas afsnijden, het licht in de ogen niet gunnen, anderen insluiten, ze verdrukken, hun bestaan ver weg wensen.
Niet maar voor de vrome volledigheid wil ik de vijand vanbinnen noemen. Dat komt ook in de Psalmen tot uitdrukking: mijn zonden benauwen mij, knellen het leven in mij af. Bijvoorbeeld Psalm 32.
Zojuist las ik nog dat door skinheads in Rusland dit jaar al 69 buitenlanders zijn vermoord. En wat te denken van de onlusten in Zimbabwe, die ook invloed hebben op Zuid-Afrika. In laatstgenoemd land zijn de Zimbabwaners bepaald niet welkom. Waarom ontnemen sommige mensen aan anderen de ruimte? Deze neiging zit in een kiem in ons aller hart. Het is denk ik omdat we de leugen zijn gaan geloven dat de ander een bedreiging vormt voor onze vrijheid, dat we daarom de toevlucht nemen tot harde en inhumane maatregelen. Wij ontnemen anderen de ruimte omdat we bang zijn dat ze op een bepaald moment ons de ruimte zullen ontnemen.
Gen 26,22 Daarna trok hij verder, en weer groef hij een put. Hierover ontstond geen onenigheid. Hij noemde hem Rechobot, ‘want,’ zei hij, ‘nu heeft de HEER ons ruimte gegeven in dit land en kunnen wij ons uitbreiden.’
God geeft mensen ruimte. Hij bevrijdt en redt van vijanden die de ruimte van Zijn kinderen bedreigen. Het begint al heel vroeg: bij de Schepping maakt God ruimte, een plaats om te wonen. Scheidt licht van het donker, verwijdert de chaos, schept orde. Levensruimte. En Hij roept de mens op die te vervullen. Wordt het dan niet te krap? Nee, want er is ruimte genoeg, indien de mens maar blijft letten op Gods bedoelingen.
Ps 18,20 Hij leidde mij weg uit de nood en gaf mij ruimte, bevrijdde mij, omdat hij mij liefhad.
God is een God van ruimte, die het mensen gunt om te bloeien en te groeien. Hij gunt het ons. Die ruimte is niet ver van Hem vandaan, maar eigenlijk in Hem. 'Want in hem leven wij, bewegen wij en zijn wij.' (Hand 17,28). Ons leven is in Christus te vinden. Dat is het enige voorbehoud. Maar daar is dan ook ruimte in overvloed. Vergeving en vrijheid voor zondige mensen. God bevrijdt van vijanden buiten, maar ook van de vijand vanbinnen.
Als God ruimte geeft, is dat niet een ruimte die de mens zelf uitkiest, maar die God voor hem bedacht heeft, omdat Hij weet wat goed is voor de mens. Het is gekwalificeerde ruimte. Het is op een bepaalde plaats: in Christus. Het is ook gevulde ruimte. Gevuld met de weldaden die Christus voor ons verworven heeft. En God zegt: maak maar gebruik van alles wat Ik je geef. Hij laat ons geen honger lijden, Hij knijpt ons leven niet af (Ps 103,2-5; Ps 145,15-16; Lk 15,31; Jh 10,10). De ruimte die we van Hem krijgen, staat ook niet in contrast tot de eer die Hij van ons wil. God gehoorzamen en eren en menselijke bloei sluiten elkaar niet uit.
Als vernieuwde mensen kunnen we leren de muren af te breken, muren die we ter bescherming van onszelf om ons heen hebben gezet, die ons zelf belemmeren in onze vrijheid. We krijgen ook oog voor de muren die anderen om zichzelf heenzetten, en die werkelijk contact verhinderen. We kunnen God vragen die muren te slechten. Waar mensen zichzelf en elkaar de ruimte willen geven, wordt werkelijke verbondenheid en gemeenschap een mogelijkheid. Gemeenschap is samen de ruimte delen die we van God hebben gekregen, en die we kunnen genieten in en dankzij Jezus. De Geest maakt ons los van ruimtelijke belemmeringen, en voert ons in de vrijheid van de kinderen Gods.
Tot slot: als leven met God ruimte betekent, dan is sterven een ruimtevaart. Je zou in Psalm 118 verzen kunnen vinden, die op een sterfbed jubelend zouden kunnen klinken:
Ps 118: 19 Open voor mij de poorten van de gerechtigheid,
ik wil binnengaan om de HEER te loven.
20 Dit is de poort die leidt naar de HEER,
hier gaan de rechtvaardigen binnen.
21 Ik wil u loven omdat u antwoordde en mij de overwinning gaf.
Laten we Gods ruimte opzoeken en vieren.
.
1 opmerking:
Een mooi stukje! Wat wordt er weinig gedacht aan de ruimte en overvloed in en van Hem.
Deze is ook wel leuk:
G' omringt me, daar Gij mij in ruimte stelt. (Ps 32:4 ber)
In de ruimte onmringd. De ruimte beperkt door de oneindige God ;)
Psalm 32 is een fantastische psalm.
Maar het door jou aangehaalde vers (Ps 18:20) is echt niet te bevatten: Omdat Hij mij liefhad
Hoe is het mogelijk? Gelukkig is hetgeen bij de mensen onmoglijk is mogelijk bij God. Lof zij het Lam
Hij is alles waard!
Adios!
Een reactie posten