woensdag 9 december 2009
VnG voor de klas
vrijdag 13 november 2009
Een vaag gevoel van wantrouwen
De angst dat er soms iets in het eten zit
Of iets in de lucht, een onopgemerkt kwaad
Een sluipmoordenaar, die je te laat
Opmerkt en je ontluisterd achterlaat.
Gif in het grondwater, kankerstof in roet
Van de barbecue. We doen het zelf en toch
Overkomt het ons. Wij consumeren
Alles maar naar binnen en verteren
Langzaamaan onszelf.
Een vaag gevoel van wantrouwen heeft zich
Genesteld in ons broze lichaam en onze geest
Vernauwt zijn ogen, kijkt schichtig alle kanten uit.
Wie bedreigt zijn geworpen lot?
Wie kan de lucht die hij ademt niet ademen?
Wie kan het water dat hij drinkt niet drinken?
Wie alles checkt en dubbel checkt heeft geen leven.
Wie alles slikt en inhaleert leeft misschien even
Korter.
zaterdag 31 oktober 2009
Dingen zijn om te gebruiken, mensen om lief te hebben
But sin has reversed that.
We love things and use people.
But when you get converted, when you repent, you'll become like Jesus.
Then you love people. And you don’t love things, you only use them.
That’s how Jesus was!'
(Vertaling: Weet je, God heeft ons mensen gegeven om lief te hebben en dingen dat wij ze zouden gebruiken. Maar de zonde heeft dat omgedraaid. We houden van dingen en gebruiken mensen.
Maar als je bekeerd wordt, dan word je als Jezus. Dan houd je van mensen. En je houd niet van dingen, je gebruikt ze alleen. Dat is zoals Jezus was!)
Prediker Zac Poonen - 'De heerlijkheid van Christus in de gemeenschap der heiligen', track 6, 03:58
Onbaatzuchtig dienen
dinsdag 27 oktober 2009
De lach
Zal vast wel ergens door iemand zijn geschreven. Ga dat niet over doen. Maar kijk toch eens om je heen wat voor soorten lach je allemaal tegen kunt komen. Is een boeiende gewaarwording.
De gulle lach
Een golf van lach, recht uit het hart, gunnend en welgemeend. Opgeruimd en aanstekelijk.
De schreeuwerige lach
Lacher heeft geen grenzen, en gaat op in eigen vrolijkheid. Kan anderen daarmee storen. Terreur van eigen vrolijkheid. Plezier die ruimte van anderen inneemt, bezet, annexeert.
Vindt men vaak terug onder groep schreeuwerige tieners in een bus.
De hysterische of onbeheerste lach
Een aangedreven lach. Men doet alle sluizen open, zonder gene onbedaard lachen. Bekend van verjaardagen en familiefeestjes.
Kan bijna verstikkend zijn. Werkt een groepslacherigheid in de hand, die moeilijk is terug te keren. Pandora's box.
De zenuwachtige lach
Geboren uit verlegenheid met de situatie. Komt ook voor als soort stopwoord, maar dan in de vorm van lachen. Uiterst vervelend als je dit soort mensen spreekt.
De stille lach
Meer in- dan uitwendig. Blijft soms geheel binnen. Kan een gedurige gemoedstoestand zijn van stille vrolijkheid. 'Binnenpretje' is een magere vorm hiervan.
De stervende lach
Laatste gedeelte van de lach. Let eens op de gezichten van mensen die gelachen hebben.
Uiterst curieus hoe het gezicht weer overgaat in de normale stand (stand by). Deze overgang van lach naar stand by lijkt een soort sterven te zijn.
De arrogante lach
Lach van de trotse en onaantastbare mens. Vanuit de hoogte, dedain. Straalt uit: ik ben binnen. Maar: die in de hemel woont, die zal lachen.
De kleine lach
"In veel talen, schrijft Simon Critchley in Humor, 'is de glimlach een diminutief van de lach'. In het Latijn hanteert men een onderscheid tussen de lach en de sub- of onderlach, tussen ridere en subridere. Dat heb je in veel talen, in het Frans (rire en sourire) of het Duits (das Lachen en das Lächeln); het gaat dan niet om uitbundig lachen maar om 'de kleine lach'.
Grappen nodigen uit tot lachen. Soms zijn ze om je te bescheuren, meestal gaat er gegniffel en gegrinnik aan vooraf. Maar de beste grappen gaan vergezeld van een glimlach, die kleine lach waar Friedrich Nietzsche over schreef. 'Hoe vreugdevoller en zekerder de geest', luidt een van zijn aforismen, 'des te meer vergeten wij de luide lach en vervangen wij hem met een voortdurend begeesterd glimlachen, een teken van zijn verwondering omtrent de ontelbare verborgen geneugten van een aangenaam bestaan.' " Bron: Volkskrant
Een lach ontstaat. Er moet voedingsbodem voor zijn. Niemand kan een lach maken. Tenminste, behalve bij zo'n lachsessie (ik doel op lach-therapie) waarbij je elkaar aan het lachen kan maken. Dan kun je elkaar aansteken.
Een lach kun je, wanneer hij begonnen is, wel bevorderen en laten aanzwellen.
Lachen is een wilsbesluit.
Vreemd. Je bent geneigd te denken dat het iets is wat opkomt, wat echt is. Maar mensen hebben geleerd dit paard te temmen en te besturen, te laten galopperen wanneer mogelijk en binnen te houden wanneer ongewenst.
Wanneer men zich veilig voelt, lacht men het meest.
Lachen is gezond, maar kan soms zeer ongezond klinken.
Hoe iemand lacht, zegt veel over diens persoonlijkheid. Zal vast wel een psychologische studie naar zijn gedaan.
Voor meer soorten lachen houd ik me aanbevolen.
Lachen kan zelfs een pathologisch verschijnsel zijn. Zie dit psychiatrische artikel:
Op de afdeling glimlacht de patiënt veel, ook bij
berispingen. Zijn gedrag is onhandig en uitbundig.
Daardoor komt hij in conflict met medepatiënten,
die hem als storend ervaren. De lach is
spotachtig, ingehouden en kan niet gecontroleerd
worden. De lach is nooit luidkeels noch uitbundig
en gaat ook niet gepaard met vreugde. De patiënt
weet niet waarom hij lacht. Ook tijdens activiteiten
blijft de lach constant aanwezig. De lach is egosyntoon.
De patiënt beleeft de lach niet als storend,
maar de omgeving wel.
(...)
Het is bekend dat de caudale hypothalamus,
die interne emotionele en fysiologische veranderingen
coördineert, meespeelt bij de lach. Het ventrale
pontomedullaire centrum coördineert het uitademen,
de gezichtsuitdrukking en de emotioneel bepaalde
vocalisatie. Tot slot blijken de bilaterale corticobulbaire
banen de lach te onderdrukken.
(...)
Fenomenologisch perspectief Een basiswerk
waarin het onderscheid tussen natuurlijk lachen
en intentioneel, vals of strategisch lachen geïllustreerd
wordt, is het boek Lachen und Weinen van
Plessner (1965), waarin de lach vanuit fenomenologisch
gezichtspunt onderzocht wordt. Volgens
Plessner kan een persoon in een toestand komen
waarbij de lichaamsbeheersing verloren gaat,
maar niet ten gevolge van een specifieke emotie
(zoals bij angst). Het antwoord op die existentiële
verlegenheid is dan lachen of wenen. De lach is
volgens Plessner een onpersoonlijke uiting waarmee
we ons zelf-zijn redden in situaties waarin
we niet in staat zijn tot een adequate stellingname.
Bron: Tijdschrift voor Psychiatrie
donderdag 8 oktober 2009
Docent en de laaarlingen
Vandaag hoorde ik van leerlingen dat ze mij opgespoord hebben op het grote web. Jongens, gefeliciteerd!
'Wat had u lange haren, meneer!' Sommigen vonden dat helemaal niks, anderen wel.
Zo ben je het onderwerp van bezichtiging, keuring, kritiek, commentaar. Leerlingen (op Urk: 'laaarlingen') hebben een hoop te vertellen, dat blijkt wel. Of je als docent ook nog wat te zeggen hebt? Daar ben je zelf bij. Soms is het al best lastig om ze goed stil te krijgen.
In elk geval is het best leuk, en gaat het prima. De ene dag beter dan de andere.
In de herfstvakantie ga ik alles even goed op een rijtje zetten en daarna met nieuw beleid verder. Want leerpunten zijn er genoeg.
Het mooiste is om mee te maken dat er begrip bij leerlingen doorbreekt (dankzij of ondanks mij?). Of dat ze in één keer vanuit de gedemotiveerde houding komen in een nieuw enthousiasme voor het vak.
woensdag 12 augustus 2009
Geloven: actief of passief? (I)
maandag 20 juli 2009
Een passie voor God hebben, dat is heiliging
We moeten natuurlijk niet naar een conferentiechristendom toe, maar we moeten de principes die we op conferenties aangereikt krijgen zien te integreren in het leven van Alle Dag. Want daar gebeurt het.
Waar ik het eigenlijk over wou hebben, is een bepaalde uitspraak van Paul David Washer. Hij had het even over heiliging - toch nog (de boef). En hij ging in tegen 'regeltjesheiligheid', dus dat heiliging het volgen van wetten is, het doen van bepaalde dingen en het laten van andere dingen. Nu ontkende hij dit aspect niet. Maar het is niet de kern van heiligheid. Heiligheid is dat we bepaalde slechte dingen laten staan, om ons uit te strekken naar goede dingen, de dingen van God, sterker nog: God Zelf. Vanuit een verlangen naar en een zicht op Gods heerlijkheid, heiligheid, liefde. Gedreven door passie voor God God zoeken, dat is heiligheid najagen.
We moeten niet zondigen omdat het slecht is of verkeerd, maar we moeten het laten liggen, omdat God iets beters voor ons heeft liggen: Zijn eigen goedheid en genade.
woensdag 15 juli 2009
Zomerconferentie C.S.F.R.
n en de discussie leiden. Het thema was 'de Vroegchristelijke Kerk', een nogal breed thema, dat de laatste tijd op nogal wat belangstelling kan rekenen. In strikte zin kun je het geen thema noemen, meer een tijdvak, waar verschillende themata uit te bestuderen zijn, zoals martelaarschap, dwalingen, canonisering, kerkvaders, vroegchristelijke levensstijl, etc. Dat hebben we dan ook met vreugde gedaan.Zie ook:
dinsdag 14 juli 2009
Verhuisd naar Kampen
Een mens heeft op bepaalde kruispunten in zijn leven de keuzevrijheid: waarheen te gaan? Voor ons was zo'n moment gekomen aan het einde van onze studies, vlak voordat we voor vijf maanden naar Zuid-Afrika zouden gaan. Waar willen we wonen als we terugkomen? Dat moest toen beslist worden, aangezien Jannet de plek van haar opleiding al voor de reis moest vastleggen. Wij hebben toen een behoorlijk tal provincies weggestreept en zijn uitgekomen bij Kampen/Zwolle en Nijmegen. Het is uiteindelijk Kampen/Zwolle geworden. Jannet vond een plek in het Zonnehuis, een gloednieuw verpleegtehuis waar ze nog wel een verpleeghuisarts (in opleiding) konden gebruiken. Ikzelf ben na onze reis ook op zoek gegaan, in Kampen en Zwolle. Uiteindelijk vond ik, naast de parttime job die ik in april bij IFES heb gevonden, een baan als docent klassieke talen aan de Pieter Zandt scholengemeenschap. Het lijkt erop dat we ons aan het settelen zijn...
Uiteraard brengt dat ook allerlei netelige kwesties met zich mee, waaronder het verschijnsel klusmoeheid (alhoewel we in vergelijking met anderen niet eens zoveel werk hoeven te verzetten), en de curiositeit dat je bekender met het koffieautomaat bij de Karwei bent geraakt dan met die van thuis...
En dat door een druk gezellig straatje toch best wel veel auto's kunnen gaan, zodat je oren veel decibellen moeten verwerken. Ach... gelukkig heeft een mens de gave gekregen om te relativeren, dat wil zeggen: zijn moeiten tegenover die van anderen te zetten, en dan te kunnen concluderen dat hij eigenlijk over niks aan het zeuren of piekeren is. Af en toe moeten we die gave gewoon vaker activeren.
Alles in Hem
‘Alles in Hem’
Maar uit Hem zijt gij in Christus Jezus, Die ons geworden is wijsheid van God, en rechtvaardigheid en heiligmaking en verlossing. 1 Korinthe 1:30
Lieve Zaligmaker, in Uw lijden zie ik niet alleen de oneindigheid van de zonde, maar ook de oneindigheid van Uw liefde, zodat, hoewel ik reden heb om toornig op mijzelf te zijn vanwege mijn zonde, ik niet behoef te wanhopen. Als de bezoldiging van de zonde de dood is, zo is de verdienste van Uw lijden het leven. Als mijn zonden opklimmen ten hemel, is Uw genade boven de hemelen. Ofschoon zij tot Uw troon reiken om mij te beschuldigen, is er Eén op de troon die mij niet zal veroordelen.
Wanneer ik op mijzelf zie en mijn vuilheid en begeerten waarneem, ben ik met schaamte aangedaan; maar als ik op U zie, in Uw volheid en algenoegzaamheid, ben ik aangedaan vanwege het wonder. Ben ik zwak? Hij is mijn Sterkte. Ben ik dwaas? Hij is tot wijsheid van God voor mij geworden. Ben ik goddeloos? Hij is mij geworden tot gerechtigheid. Ben ik onzuiver? Hij is mij geworden tot heiliging. Ben ik in banden? Hij is mij geworden tot gehele verlossing. Bij mij is alleen de vijandschap van een schepsel, maar Zijn liefde is de liefde van God.
Maar ik ben een groot zondaar. Dan is Hij een Zaligmaker, ja een groot Zaligmaker. Waarop kan mijn ziel nu roemen? Zie toch dat er een grote barmhartigheid is in God, een grote barmhartigheid in Christus die een groot zondaar zaligt.
Nu, omhels ik met de armen van mijn geloof de belofte en Hemzelf in de belofte. Hier wil ik leven en hier wil ik sterven. Geloofd zij God Die mij altijd geeft dat ik mag roemen in Jezus Christus, mijn Heere.
John Meikle
Uit: L.J. van Valen, Wie dorst heeft, kome, dagboekstukjes vertaald en samengesteld. Dit stukje staat bij 24 mei. Een stukje wat me iedere keer weer aangrijpt. Onze schuld en onvermogen is niet zo hoog of Gods genade gaat er wel overheen. Gods genade is altijd meer. Alles in Christus.
zondag 15 februari 2009
Van krachteloos tot krachtig. Steeds voort
2 Tim 1: 7 Want God heeft ons niet gegeven een geest der vreesachtigheid, maar der kracht, en der liefde, en der gematigdheid.
2 Tim 3:5 Hebbende een gedaante van godzaligheid, maar die de kracht derzelve verloochend hebben.