“6 Het verbaast me dat u zich zo snel hebt afgewend van hem die u door de genade van Christus heeft geroepen en dat u zich tot een ander evangelie hebt gekeerd. 7 Er is geen ander evangelie, er zijn alleen maar mensen die u in verwarring brengen en het evangelie van Christus willen verdraaien.” (NBV)
Wat een begin! Na de aanhef en genadegroet aan de gemeenten (het gaat niet om één gemeente) begint Paulus heel verrassend. Dat zijn we niet van hem gewend! Normaal horen we hem toch allerlei dankwoorden uiten aan God, die indirect lof betekenen voor de gemeente. Ik denk even aan Kolossenzen 1,3-4: “In al onze gebeden danken wij God, de Vader van onze Heer Jezus Christus, voor u, want we hebben gehoord dat u in Christus Jezus gelooft en alle heiligen liefhebt…” en zo zijn er meer voorbeelden. Maar nu? Verbazing, verwondering, ontsteltenis: ‘Het verbaast me…’ (vs. 6). En het is geen positieve verwondering die Paulus heeft! Hij vindt het namelijk onbestaanbaar dat de gemeenten zo’n switch hebben gemaakt: van Degene die hen door de genade van Christus geroepen heeft (God dus) naar een ander evangelie.
Dat is wat, als je dat op je in laat werken. Ze hebben zich van God afgewend. Dat klinkt veel ernstiger dan wanneer er alleen zou staan dat ze zich van het oorspronkelijke Evangelie hebben afgekeerd. Zoals Paulus het nu zegt, laat het meteen de diepste implicatie zien van hun keuze. Het oorspronkelijke Evangelie de rug toekeren - of je dat nu doet door er iets aan toe te voegen, of door er iets af te halen, of door het helemaal weg te gooien - betekent God de rug toekeren.
Paulus kan het niet begrijpen. Hij zou bijna aan zichzelf gaan twijfelen. Heeft hij het dan verkeerd uitgelegd? Nee, in die hoek zoekt hij het toch niet. Uit het vervolg blijkt wel dat Paulus vrij en zeker achter de door hem doorgegeven boodschap staat, en niet twijfelt aan de herkomst van die boodschap (persoonlijke openbaring van God) of aan de zuiverheid waarmee hij het Evangelie aan de man gebracht heeft. Dat hij daar zo zeker van is, werkt des te meer mee aan zijn verwondering. Als het niet aan de zuivere boodschap ligt, waar kan het dan aan liggen? Hoe kan het toch…
Hoe kan het toch… De kern van de verwondering van Paulus staat in vers 7: Er is geen ander evangelie!!!!! Volgens mij moet je hier echt uitroeptekens lezen. ‘Hoe kun je dat nou toch doen, je ziet toch wel dat wat je nu hebt géén Evangelie meer is?’ Niet alleen wil Paulus zeggen dat ze op een iets ander Evangelie zijn uitgekomen. Hij wil ronduit duidelijk maken dat er geen ander Evangelie is.
Zelf zul je toch ook ontsteld zijn als je om je heen ziet dat mensen iets waardevols en goeds voor iets minders inruilen, met de illusie dat ze juist iets beters krijgen. Dat is de reinste misleiding. Dat is ook wat hier is gebeurd: deze mensen zijn misleid. En wel door andere mensen. ‘Er is geen ander Evangelie, er zijn alleen maar anderen…’ Het Evangelie staat tegenover mensen, die willen verwarren. Sterker nog, het Evangelie staat tegenover de mens als zodanig. Vers 11: ‘Ik verzeker u, broeders en zusters, dat het evangelie dat ik u verkondigd heb niet door mensen is bedacht…’ Of zoals de Statenvertaling het zegt: ‘het Evangelie is niet naar de mens’. Dat is buitengewoon scherp. Het is Evangelie is er wel voor de mens, maar niet naar de mens. Het is niet door mensen bedacht, het past niet in het straatje van mensen, het is niet in een mensenhart opgekomen, maar het komt helemaal van de andere kant. Ontdekkend en bevrijdend tegelijk. En wanneer je dat Evangelie wilt aanpassen, wilt verdoezelen, wettischer wilt maken, of wat dan ook, dan blijf je ten langen leste niet met het Evangelie over, maar blijf je met mensen opgescheept zitten. Dan zit je onder de druk van mensen, die jou hun wil op willen leggen. Wie zich verbonden weet aan het zuivere Evangelie, weet zich vrij van de dwingelandij en groepsdruk van mensen, die anderen, niet op grond van het Evangelie maar met zelfbedachte regels (Kol 2,20-22), aan zich willen binden. De vrijheid van een christen, waar Paulus later meer over zal zeggen, wordt hier al gethematiseerd. Voor het aangezicht van God is er alleen de heerschappij van het Evangelie, niet die van mensen. Zo is er ook geen druk om mensen voortdurend te behagen, maar alleen God, de Heer van het Evangelie.
Gebeurt dat nog in onze tijd, dat we het zuivere Evangelie inruilen voor een ander evangelie? Het gevaar ligt altijd volop op de loer, dat wijst de kerkgeschiedenis uit.
Maar wanneer krijgen we eigenlijk een ander Evangelie? Laten we dat eens dichtbij brengen. We krijgen een ander Evangelie …
- …wanneer we iets aan dat Evangelie toevoegen, dat er niet bij hoort.
In het geval van de Galaten was het wel duidelijk: de werken der wet werden onder druk van anderen via de achterdeur binnengehaald, en men dacht dat dat wel samen met Christus kon gaan. Nu, dat kon niet. Kruis en besnijdenis verdragen elkaar niet.
Hoe is dat in onze situatie? Aan hoeveel voorwaarden moeten wij voldoen voordat we ons van anderen een kind van God mogen noemen? Worden status en aanzien bij ons stiekem toch niet meegeteld als het gaat om de positie in het lichaam van Christus?
- …waneeer we iets centraals uit het Evangelie weglaten.
Dit kan bijvoorbeeld voorkomen wanneer we zwijgen over de zonde, zo’n impopulair onderwerp. Dan zal de leer van de verlossing ook aan kaliber inboeten, want waar is nu die verlossing voor nodig? Voor onze fouten?
- …wanneer we niet alle elementen van het Evangelie prediken.
Vaak belijden we de hele Schrift te geloven en te willen leven. Maar let eens op wat we laten liggen. Willen we nog wel met de God van het Oude Testament geassocieerd worden?
Ook kan het gebeuren dat bepaalde elementen verzelfstandigd gaan worden. Dan wordt er voortdurend op één aambeeld gehamerd. Met name bij rechtvaardiging en heiliging is het gevaar aanwezig dat één van beide in de preek naar voren komt en de andere mondjesmaat genoemd wordt.
Tegelijk wil ik niet zover gaan om te zeggen dat we een totaal ander Evangelie krijgen wanneer we een enkel element vergeten of veronachtzamen.
Naast deze zijn er wel meer mogelijkheden. Ik hoor graag aanvullingen van uw kant. De vraag is natuurlijk: wanneer krijg je werkelijk een ander evangelie? Wat is de grens? Zeker een interessante vraag, maar moeilijk beantwoordbaar. Je zou wel wat kunnen zeggen over de centrale elementen van het Evangelie, maar uiteindelijk zul je toch geen bevredigend antwoord kunnen vinden. Ik veronderstel dat de Galaten van zichzelf dachten dat ze helemaal niet zo’n grote aanpassing hadden gedaan, maar toch was dit voor Paulus reden genoeg om te spreken over een ander evangelie.
Bovendien ook een beetje typisch, zo’n vraag als ‘wat is de grens?’. Waarom zou je dat moeten weten? Uit nieuwsgierigheid? Of om voor jezelf het veilige gevoel te hebben dat je wel binnen de kaders zit?
In elk geval moet dit vaststaan. De kern van het Evangelie voor Paulus is Christus (zie verzen 11 en 12 waarin evangelie en Jezus Christus als inhoud van de openbaring aan elkaar gelijk staan). Over Hem moet het gaan.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten