vrijdag 21 maart 2008

Romeinen 7 in ander licht (1)

Romeinen 7 is een vaak geciteerd en veelbesproken hoofdstuk uit de Schrift. Veel christenen zien hier zichzelf in terug, en vinden daarin steun. Gewoonlijk wordt aangenomen dat Paulus hier schrijft over wat hemzelf overkomt. Hij is het 'ik' wat in Ro7,7-26 spreekt, en die belijdt 'maar ik ben vleselijk, verkocht onder de zonde' (vs14), die moet bekennen 'Want het goede dat ik wil, doe ik niet, maar het kwade, dat ik niet wil, dat doe ik.' (vs19) en die tenslotte wanhopig uitroept 'ik ellendig mens, wie zal mij verlossen uit het lichaam dezes doods?' (vs24).
We zouden hier een tekening van de strijd van de christen tegen de zonde zien. De christen heeft door veranderende genade de Wet liefgekregen, en wil die houden uit dankbaarheid, maar vindt in zichzelf zoveel onmogelijkheden en obstakels: het lukt gewoon niet.
Maar gelukkig kende Paulus deze ervaring ook! Hij kende dezelfde strijd, en dezelfde nederlagen. Maar hij roemde in God (vs25). Zo leren we van onszelf niets te verwachten en van God alles. Wij zijn maar vleselijk, en zullen niet beter worden.
Maar klopt dit beeld over Ro7? Kunnen we ons inderdaad beroepen op Paulus' ervaring? Is Paulus het 'ik' wel? En over welke strijd gaat het eigenlijk: tegen je oude natuur, tegen de zonde, tegen de wereld? Wordt ons dit tot voorbeeld geschreven of tot afkeer, tot vertroosting of tot vermaning? Op deze vragen hoop ik verder in te gaan in een volgende post.

1 opmerking:

Anoniem zei

Beste Gerrit,

Een goede bespreking van Romeinen 7. Zodra je je op een wet gaat richten krijg je te maken met dit soort ervaringen. Tenminste dat is mijn ervaring. Het kruis van Jezus maakt pas echt vrij. Het is alleen niet makkelijk in de traditionele kerken deze interpretatie van Romeinen 7 aan het voetlicht te brengen.
Het ga je goed.

Groet,

KL