dinsdag 25 maart 2008

Romeinen 7 in ander licht (2)

De traditionele visie
Alvorens zelf tot een positiebepaling omtrent R7 te komen, eerst de vraag: waar gaat het volgens de traditionele visie om in R7,14-25? Met de traditionele visie bedoel ik de Augustijns-Lutherse visie, die door velen in de reformatorische traditie werd en wordt aangehangen. Belangrijke punten in deze opvatting zijn:
  • In R7,14-25 gaat het om de ervaring van een wedergeboren christen. Het is Paulus die over zichzelf schrijft. Het is het normale christelijke leven.
  • Het gaat om de strijd tegen de inwonende zonde (vs17), dat is, de zondige natuur die na bekering nog overblijft in de christen.
  • Het betreft de strijd tussen de goede wil (nieuwe natuur) en het vlees (oude natuur), of, in andere termen, nieuwe en oude mens.
  • Hieruit valt te leren - wat overeenstemt met de ervaring - dat de gelovige een tweemens is.
  • De strijd is vooral een innerlijke strijd.
  • De ervaring van strijd in R7 staat niet in tegenstelling tot de triomftonen van R8.

Het ‘ego’
Goed interpreteren is het oplossen van dilemma's. Voor velen is het dilemma bij Ro7: beschrijft Paulus zijn ervaring voor of na zijn bekering? Heeft hij deze situatie achter zich gelaten, of zit hij er nog volop middenin? Mijns inziens is hier al de beslissing genomen dat Paulus in zijn spreken over ‘ego’ (ik) het over zichzelf heeft. Maar wanneer deze beslissing al genomen is, is de kans groot dat andere mogelijkheden van interpretatie van het ‘ik’ - die evengoed recht zouden doen aan de tekst - bij voorbaat zijn uitgesloten van deelname. Welke mogelijkheden bedoel ik?

Het ‘ik’ als

  • Paulus
  • - voor bekering, als wetsijveraar
    - bij bekering, met ontwakend geweten
    - na bekering, als met de zonde worstelende christen
  • Een type. Bijvoorbeeld van
    - een jood die de Wet tracht te houden
  • - Israël als geheel
    - een onbekeerde, die met een ontwaakt geweten de Wet wil volbrengen
  • Een literair middel om een boodschap effectief duidelijk te maken. Tegenwoordig zouden wij meer schrijven in de 3e persoon, wanneer we iets willen beschrijven waarvan we willen dat anderen het zich voorstellen. Schrijven in een andere persoon is een krachtig middel om het als het ware voor de ogen van de hoorders te laten afspelen. Bovendien kan het makkelijker tot identificatie leiden.

Geen opmerkingen: