dinsdag 24 augustus 2010

Galaten pakt wetticisten en antinomianen bij de kraag en vertelt wat vrijheid werkelijk is

Het beseffen en doorleven van Christus’ dood is naar twee kanten toe belangrijk: naar wetticisme en naar praktisch antinomianisme (Engels: licentiousness).
Wetticisten neigen ertoe de dood van Christus voor niets te laten zijn. ‘Als er gerechtigheid door de wet zou zijn, dan was Christus tevergeefs gestorven.’ (2,21)
Antinomianen gaan door het niet zo nauw te nemen met de zonde eraan voorbij wat het Christus gekost heeft: Hij heeft mij liefgehad en heeft Zich voor mij overgeven (2,20).
Paulus predikt aan de Galaten de vrijheid, maar dat moet er niet toe leiden dat ze van de weeromstuit de vrijheid gebruiken om maar hun eigen verlangens te bevredigen! (5,13)

Christus’ dood en opstanding maken vrij. Vrij van de wet en vrij om voor God te leven (2,19).

Een vrijheid die dichtbij Gods hart wordt geleefd, maakt niet eigenzinnig en onverantwoordelijk, maar wordt gekenmerkt door liefde.

Geen opmerkingen: